Vakbegrippen uitleggen

Omschrijving

De leraar legt de betekenis(sen) van vakbegrippen uit en licht ze toe.

Toelichting

Na het activeren van de voorkennis over een vakthema en de bijbehorende vaktaalwoorden, is het belangrijk dat de leraar de betekenis van de nieuwe vakbegrippen uitlegt (semantiseren). Sommige leerlingen kennen het woord immers niet of onvolledig. Het is de taak van de leraar te bepalen welke betekenisaspecten kenmerkend zijn en hoe hij de uitleg zo duidelijk mogelijk kan maken.
Hierbij kan hij de drie uitjes bekend in het basisonderwijs (Verhallen en Van den Nulft 2001) gebruiken:
-uitbeelden: de leraar maakt de woordbetekenis zichtbaar met beelden, illustraties en voorwerpen 
- uitleggen: hij ondersteunt de beelden met verbale uitleg, omschrijft de betekenis, geeft voorbeelden, gebruikt de vakbegrippen veelvuldig. Hij houdt de uitleg kort en krachtig
- uitbreiden: de leraar koppelt in zijn uitleg het nieuwe vakbegrip aan andere vakbegrippen die betekenisverbindingen hebben met het nieuwe vakbegrip. Hij plaatst het woord in een netwerk van andere woorden.

Zie ook

woordenschatopbouw; vakbegrippen selecteren; didactisch model woordenschatuitbreiding; school- en vaktaal

Praktijkvoorbeelden

Begripsontwikkeling:

Schriftelijke activiteiten t.b.v. vak: