Categoriseren bij biologie (kwartetspel)

Een student aan de lerarenopleiding biologie organiseert een kwartetspel over voedingsstoffen in 1 vmbo TL.

Beschrijving onderwijssituatie

In het eerste fragment zie je een gedeelte van de biologieles in een 1 vmbo-klas (TL) over het thema ‘voeding’. Lio Jasper heeft een kwartetspel gemaakt met voedingsstoffen en soorten eters. Hij geeft instructie over het spelen van het kwartetspel. Jasper is tweedejaars voltijd student biologie aan een tweedegraads lerarenopleiding.

In het tweede fragment bespreekt Jasper het kwartetspel klassikaal na
In het derde fragment zie je een gedeelte uit het reflectiegesprek dat lio Jasper na de les voert met zijn docent van de lerarenopleiding (Mark).

Kijkvragen

  1. Welk woord is van cruciaal belang in Jaspers instructie?
  2. Wat valt je op aan de manier waarop Jasper instructie geeft?
  3. Wat valt je op in de manier waarop Jasper het kwartetspel nabespreekt?
  4. Wat valt je op aan het gedrag van de leerlingen bij de nabespreking?
  5. Welke verklaring geeft Jasper voor het feit dat hij de instructie over het kwartetspel niet klassikaal herhaalt?
  6. Welk doel had Jasper met het kwartetspel? Vertelt hij dat ook in de les aan de leerlingen?


Videofragmenten



Fragment 1

Klik hier voor het transcript bij fragment 1.

Fragment 2

Klik hier voor het transcript bij fragment 2.



Materialen

Lio Jasper heeft op het bord geschreven:         

Wat en hoe kwartet?

- 4 personen iedereen 4 kaarten

- De jongste begint

- Wanneer je geen kaart vraagt aan iemand mag je een kaart pakken

 Hoofdgroepen:

  • Zetmeel
  • Eiwitten
  • Goede vetten
  • Minder goede vetten
  • Vitaminen
  • Vleeseters
  • Planteneters
  • Alleseters

Opdrachten

  1. Een paar leerlingen blijken niet te weten hoe het kwartetspel in z’n werk gaat. Wat zou de reden hiervoor kunnen zijn?
  2. In hoeverre kun je het kwartetspel bekend veronderstellen bij alle leerlingen?
  3. Jasper bespreekt tot welke categorie de begrippen op de kaartjes behoren. Op welke aspecten zou je een werkvorm als het kwartetspel nog meer kunnen nabespreken?
  4. Welke suggestie(s) geef je Jasper om de nabespreking beter te laten verlopen?

Kennisbasis

  1. In zijn instructie zegt Jasper: "Mag ik van jou uit de categorie zetmeel melk? Want ik denk dat melk reservevoedsel bevat." Hier is sprake van vakmatig redeneren. Zie je nog andere voorbeelden van vakmatig redeneren? Leg uit waarom er sprake is van vakmatig redeneren.
  2. Bij het kwartetspel over voedsel gaat het om categoriseren. Leerlingen hebben daarvoor biologische kennis en taal nodig. Leg uit waarom categoriseren een cognitieve taalfunctie is.
  3. Werkvormen samenwerkend leren hebben vooral kans op succes wanneer aan vijf sleutelbegrippen is voldaan. In hoeverre is er sprake van de vijf sleutelbegrippen in het kwartetspel?
  4. Jasper wil met het kwartetspel leerlingen over de lesstof laten praten. Opleider Mark zegt dat er sprake is van betekenisonderhandeling. In hoeverre vind je het kwartetspel een geschikte taak om leerlingen tot betekenisonderhandeling te laten komen? Beargumenteer je mening.

Taalcompetenties

3: Mondelinge opdrachten geven 

De leraar kan mondeling opdrachten geven met betrekking tot klasmanagement en taakuitvoering.

 Subdoel 3.3 De leraar kan zien en nagaan of de leerlingen de opdrachten begrijpen en zo nodig de opdrachten op begrijpelijke wijze herformuleren.

 Jasper controleert niet of de leerlingen zijn instructie hebben begrepen. Uit de vragen die na de klassikale instructie worden gesteld, blijkt dat de uitleg niet voor alle leerlingen duidelijk is.