Vakbegrippen bij maatschappijleer-deel I

Tweedejaars studenten praten over het bespreken van de term ‘belangengroep’ in een vmbo-klas.

Beschrijving onderwijssituatie

Je ziet een fragment uit een les aan tweedejaars studenten van een tweedegraads lerarenopleiding maatschappijleer. De studenten zijn bezig met het thema ‘democratie’. Tijdens de les is het woord ‘belangengroep’ een aantal keren aan de orde geweest. De opleider maakt een koppeling tussen de theorie die zij heeft besproken en de lespraktijk van de studenten. Zij vraagt de studenten om na te denken over de manier waarop ze de betekenis van het begrip ‘belangengroep’ zouden bespreken met leerlingen in het vmbo.

Kijkvragen

  1. Je hoort vijf studenten die suggesties doen over de manier waarop een docent de betekenis van het woord ‘belangengroep’ in een vmbo-klas kan bespreken. Noteer de verschillende suggesties die ze noemen.
  2. De studenten benoemen een aantal ‘problemen’ die docenten kunnen tegenkomen als ze de betekenis van nieuwe woorden duidelijk willen maken aan vmbo-leerlingen. Noteer de problemen die aan de orde komen. 
  3. Wat valt je op aan het taalgebruik van de studenten?


Videofragment



Fragment 1

Klik hier voor het transcript bij fragment 1. 

Opdrachten

  1. Herken je de problemen die de studenten noemen bij het bespreken van vakbegrippen uit je eigen lespraktijk? Geef een paar voorbeelden en beschrijf de wijze waarop je de problemen hebt aangepakt.
  2. Selecteer een hoofdstuk uit je eigen lesmethode en selecteer daaruit een aantal vakbegrippen. Bedenk hoe je de betekenis hiervan uitlegt. 
  3. Bespreek het taalgebruik van de studenten zelf. Wat zou de opleider kunnen doen om deze studenten aan hun eigen taalvaardigheid te laten werken? Geef een suggestie voor een activiteit binnen de les en twee suggesties voor activiteiten buiten de les.

Kennisbasis

  1. De studenten formuleren verschillende manieren om de betekenis van een woord duidelijk te maken. Leg uit welke suggesties je zinvol vindt op grond van de informatie bij woordbetekenis
  2. De studenten spreken over manieren om de betekenis van het woord ‘belangengroep’  duidelijk te maken. Bedenk met behulp van didactisch model woordenschatuitbreiding drie manieren waarop de studenten kunnen bevorderen dat hun leerlingen de betekenis van het woord ook onthouden. 
  3. Een van de studenten zegt: Met het begrip normvervaging dan moet je gewoon die twee woorden uit elkaar halen. Dit is een voorbeeld van een woordleerstrategie. Welke woordleerstrategieën kun je leerlingen laten gebruiken om de betekenis van een vakbegrip als ‘belangengroep’ te achterhalen?

Taalcompetenties

1: Gesprekken voeren met leerlingen.

Subdoel 1.2 De leraar kan goede gesprekken voeren in functie van het doel en de inhoud van het gesprek en aangepast aan het taalvaardigheidsniveau van de leerlingen.

Bij gesprekken die in het teken staan van het opbouwen van betekenis rond een vakbegrip is het enerzijds van belang dat de leraar ruimte schept voor veel bijdragen van leerlingen en anderzijds dat de leraar helder is in welke betekenisaspecten van het vakbegrip wel of niet relevant zijn voor het vak.